2018-11-23_Jan_Kropf_

Voorwoord ACOM Journaal maart 2022

In mijn vorige voorwoord gaf ik aan dat er erg veel gebeurde aangaande Defensie en ik dan ook niet goed wist waar ik mijn voorwoord mee zou moeten beginnen. We gaven en geven al jaren aan dat de wereld om ons heen, in de ruimste zin des woords, onrustig en onstuimig is en dat er niet altijd duidelijk is waar nu de echte vijand zit of waar de risico’s zitten.

Vervolgens is er absurd veel gebeurd in die wereld om ons heen. Voor sommigen gevoelsmatig op grote afstand, in het voor velen onbekend en onbeminde Oekraïne. Veel mensen schrikken niet alleen van de beelden en wat er allemaal gebeurt in Oekraïne, maar ook van “hoe ver dat nu eigenlijk van ons verwijderd is”. Als we mensen er dan op wijzen dat het niet alleen in Europa ligt, en hemelsbreed net zover van Utrecht af ligt als Barcelona, is dat doorgaans erg confronterend.

Het meest confronterend is echter de inval van Poetin in Oekraïne an sich. Elke dag, elk uur, worden er meer grenzen overschreden en vallen er meer onschuldige slachtoffers. Ongetwijfeld tegen de verwachting van Poetin zelf en zijn adviseurs in, is hem gelukt wat de NAVO en de EU niet lukte. Er is een steeds groter wordende eenheid binnen de EU en binnen de NAVO.

Op alle mogelijke manieren worden de rijen tegen Poetin gesloten en wordt Rusland zo steeds meer de paria van de wereld. Het is Poetin zelfs gelukt om in recordtijd landen te bewegen meer geld uit te geven aan hun Defensie. Oproepen van diverse Amerikaanse presidenten werden jarenlang genegeerd of met beperkte stapjes ingevuld. Maar de recente bekendmaking van de Duitse Bondskanselier dat Duitsland niet alleen € 100 miljard beschikbaar stelt maar ook per direct 2% van het bruto binnenlands product (BBP) aan Defensie besteed zal worden is op zijn minst opvallend te noemen.

Dichter bij huis is ook te zien dat er (eindelijk) het besef komt dat de Nederlandse Defensie jarenlang is uitgekleed tot op het bot. Het vet was al jaren weg en we zijn al zover in gezond vlees aan het snijden geweest dat er verschillende amputaties hebben plaatsgevonden.

Een overgroot deel van de politieke partijen in Nederland heeft dan ook aangegeven dat er niet alleen meer geld naar Defensie zou moeten gaan maar dat we ook daadwerkelijk moeten bezien of de overeengekomen 2% van het BBP in 2024 ook in de krijgsmacht kan worden geïnvesteerd.

Voor ons is dat oprecht een no-brainer, - dat had allang geregeld moeten zijn. Nu lijkt er dus eindelijk een overgrote meerderheid te zijn die, boven op de eerder overeengekomen budgetverhoging, extra geld naar Defensie wil laten gaan.

Voor de sociale partners is er eerst een schone taak weggelegd om op korte termijn met iets moois te komen aangaande arbeidsvoorwaarden. Het is immers niet uit te leggen dat we mensen met een salaris van onder de € 2.000 (bruto) per maand vertellen dat ze elk moment kunnen worden ingezet in NAVO-verband en men daartoe verloven kan intrekken en ontslagaanvragen mag weigeren dan wel terugdraaien. Voor die taak zullen wij ons uiteraard maximaal inzetten. Defensiepersoneel heeft recht op een arbeidsvoorwaardenpakket waaruit respect en waardering blijkt.

Als de politiek dan zorgt voor een heel snelle ophoging van de budgetten en de regels aangaande (Europese) aanbestedingen en aankopen waar nodig versoepelt of opschort, kan er wellicht daadwerkelijk gebouwd worden aan de (inzetbaarheid van) Defensie in het algemeen en de krijgsmacht in het bijzonder. Daar heeft het personeel van Defensie recht op, maar bovenal heeft Nederland daar recht op: een goed gevulde, goed geëquipeerde en uitgeruste en goed getrainde defensieorganisatie. Een organisatie die waar dan ook ter wereld de opdracht uit kan voeren die de BV Nederland aan haar geeft.

Voorwoord ACOM Journaal februari 2022

Er gebeurt erg veel aangaande Defensie en ik weet dan ook niet goed waar ik mijn voorwoord mee moet beginnen. We geven al jaren aan dat de wereld om ons heen, in de ruimste zin des woords, onrustig en onstuimig is en dat het niet altijd duidelijk is waar nu de echte vijand zit of waar de risico’s zitten.

Wel wordt de laatste maanden duidelijk waarom het o zo belangrijk is dat er rust, balans en vrede is in de wereld. Als er spanningen zijn is, uiteraard volkomen terecht, alles en iedereen in rep en roer maar zien we ook wat dat doet met de prijzen. Niet alleen de prijzen van energie, maar alle prijzen omdat die effecten alleen maar doorwerken. Nut en noodzaak van Defensie was naar mijn mening al lange tijd klip en klaar maar dat wordt het nu voor steeds meer mensen hoewel er ook altijd criticasters zullen blijven.

Het staat voor mij echter als een paal boven water dat er het nodige moet veranderen binnen Defensie. Het moderniseren van het loongebouw voor militairen en de arbeidsvoorwaarden staan uiteraard hoog op mijn lijstje. Maar het moge ook overduidelijk zijn dat er op vele andere vlakken slagen gemaakt moeten worden.

Terugkomend op het eerste: het moderniseren van het loongebouw voor militairen en de arbeidsvoorwaarden. In dat opzicht hebben de sociale partners en Defensie zich parallel ingezet voor het juiste gelabelde budget. Hiervoor is structureel € 500 miljoen beschikbaar gesteld. Voor de overige zaken is (oplopend tot) € 2,5 miljard beschikbaar gesteld en binnen deze kabinetsperiode ook nog serieuze eenmalige bedragen.

Is dat genoeg? Nee, ik denk het niet, er was immers niet voor niets gevraagd om ruim € 4 miljard structureel. Maar ik ben er wel van overtuigd dat we hiermee heel grote stappen in de goede richting kunnen zetten. Aangaande het moderniseren van het loongebouw voor militairen en de arbeidsvoorwaarden kunnen we dat alleen als sociale partners samen doen.

Dat we dingen samen kúnnen doen blijkt wel uit het realiseren van de € 500 miljoen, maar ook uit de brieven die gewisseld zijn na het SOD van 2 december vorig jaar waarin duidelijk gemaakt werd dat u, met een overgrote meerderheid, het maximaal haalbare pakket binnen de arbeidsvoorwaarden had afgewezen.

In de laatste brief van Defensie staan wat mij betreft de juiste zaken om een basis te leggen voor een nieuw arbeidsvoorwaardenpakket waar wel respect en waardering uit blijkt. En dat is één van de zaken waar we als sociale partners voor moeten staan. Niet voor ons maar voor het Defensiepersoneel in het algemeen en onze leden in het bijzonder.

Als we dat realiseren, zo snel en zorgvuldig als mogelijk, zal dat bijdragen aan het beter vullen en gevuld houden van de krijgsmacht. Uiteraard is dat niet het enige en zal er ook het nodige gedaan moeten worden aan de huisvesting en infrastructuur en het verwerven en soms vervangen van het nodige materieel en materiaal. We zullen ook weer moeten “herstellen”, door op te leiden, te trainen en te oefenen, zodat de inzetbaarheid van de krijgsmacht weer kan toenemen. Maar al die zaken vergen volgens mij iets meer tijd.

Ik ben daar, met onze mensen, helemaal klaar voor. Wij hoeven geen (nieuwe) inzetbrieven te sturen of te ontvangen, wij hoeven geen wazige brieven aan het SOD te sturen of te ontvangen. We gaan op 8 februari a.s. vol optimisme naar het SOD en zijn bereid om ons maximaal in te zetten om tot een arbeidsvoorwaardenakkoord te komen waar u achter kunt staan.

En dat, beste lezer is exact mijn prioriteit 1, 2 en 3 en daar zal ik mij keihard voor (blijven) inzetten.

En dat kan alleen samen, want alleen gaat sneller, maar samen komen we verder!