“Armoe bij defensie blijft knellen “ kopte De Telegraaf op 8 juni. En in die krant twee pagina’s ervaringen bij de afscheidstournee vanwege het leeftijdsontslag van de Commandant Landstrijdkrachten.

Een onthutsend verhaal: weliswaar zou er geen pang-pang meer geroepen hoeven te worden, maar wapenolie is er niet bij de eenheid. En er zijn wel goede kijkers voor scherpschutters, maar er is geen militaire handleiding. En dan maakt de generaal een opmerking die de welhaast onmogelijke positie weergeeft: ‘Misschien moet er iets sneller worden geschreven’. Het geeft de onmogelijkheid weer om met een frequentie van een jaar of drie voorbijvliegende carrièremakers projecten bij Defensie met succes te laten aanpakken.

Als opper-landmachter kun je dan wel blijven geloven in oplossingen in de toekomst, maar geld is toch niet de enige factor, die een rol speelt. En juist die factor komt kennelijk bij de C-LAS niet over de tong, want over de menselijke rol weet De Telegraaf alleen op te tekenen dat hij vorig jaar kwam meteen visie waarvan de kern is dat de landmacht hoort te kiezen voor slimme wapens in combinatie met drones en de inzet van kunstmatige intelligentie.

Niets over de bijna onoverzienbare hoeveelheid vacatures, de droef makende ontevredenheid bij het nog aanwezige personeel, of zijn – C-LAS – mening over de afwezige update van de arbeidsvoorwaarden. Wel zijn suggestie voor afbouw- of adviesfuncties, natuurlijk wel op ZIJN niveau…

Nee, hij komt in de recente Landmacht niet verder dan de mededeling in de column C-LAS: “Tot slot: inmiddels hebben de vakbonden en Defensie elkaar weer gevonden om de onderhandelingen over arbeidsvoorwaarden te hervatten. Ik ben hoopvol dat Defensie en de vakbonden naar elkaar toe bewegen. U verdient immers goede arbeidsvoorwaarden.” Helaas was er onvoldoende olie bij Mijnheer Beulen iets te zeggen wat volgens hem dan wel goede arbeidsvoorwaarden zouden zijn… Mag ik dit dan kwalificeren als ‘angsthazengedrag’ van de hoofd-zandhaas of is hier sprake van een functie zoeken als ‘bijzonder deskundige’ (b.d.)?